Hou Heijen gezond

Uitgangspunten


Alle documenten, bijlagen, onderbouwing behorende bij het voorontwerp bestemmingsplan en zoals gepubliceerd op www.ruimtelijkeplannen.nl

Op de website van de gemeente staan niet alle documenten. Met name de noodzakelijke bijlagen zijn voor de burger erg lastig te vinden op de website www.ruimtelijkeplannen.nl De recente brieven van college van b&w, waarin ze aangeven geen containers toe te staan. 1e planopzet voorjaar 2016 van de initiatiefnemers en de Notitie Rijkwijdte en detailniveau (NRD) zoals opgesteld door de initiatiefnemers (2016)

Provinciaal Omgevingsplan Limburg (POL) 2014, geactualiseerd september 2019 Havennetwerkvisie Limburg 2030 (okt 2012)

Natuurvisie provincie Limburg (vastgesteld provinciale staten in 2017).

Diverse documenten Rijksbeleid (o.a. deltaplan waterbeheer, versterken natuurontwikkeling) en Europees (versterken van de ecologische hoofdstructuur).

De samenwerkingsovereenkomst Blueports (2015) tussen de havengemeenten en provincie Limburg en de notitie Blueports uit 2019.

Het huidige bestemmingsplan van het plangebied met daarin aan de noordzijde de bestemming natuur (circa 2/3) en de zuidzijde agrarisch met natuurwaarden (circa 1/3).

Voor onderstaande thema’s de volgende vragen / opmerkingen:

Vereiste maatschappelijk onderbouwing.

Ladder voor duurzame verstedelijking.

Economische nut en noodzaak van de uitbreiding van de haven.

Ruimtelijke inrichting van het voorontwerp en bestemmingsplan.

Veiligheid tegen hoogwater voor de omgeving.

Verkeerstoename en toename geluidsoverlast.

Voorliggend natuuronderzoek.

Compensatie berekening stikstofemissie.

Beoordeling en planvorming in de geest van de nieuwe omgevingswet.

Ruimtelijke alternatieven, gebaseerd op maatschappelijk draagvlak.



  • Binnen de noodzakelijke brede maatschappelijke afweging (Ladder duurzame verstedelijking van Provincie en Rijk) lijkt er geen zorgvuldig proces te zijn doorlopen. Het plangebied is namelijk steeds het startpunt geweest, waarbij de initiatiefnemers een zo groot mogelijk bedrijventerrein voor zichzelf willen realiseren met zowel watergebonden als niet watergebonden bedrijfsactiviteiten. Hierbij lijken ze vooral hun eigen toekomstige verdienmodel enorm te willen vergroten. Alvorens een locatie en een planomvang te kiezen is het echter binnen de Ladder duurzame verstedelijking (overheidsbeleid) nodig een brede maatschappelijke regionale afweging te maken met alle belanghebbenden. Er zijn geen varianten onderzocht met een veel kleiner nieuw haventerrein binnen de bestaande contouren van het bestemmingsplan Hoogveld in combinatie met het optimaliseren van het huidige bedrijven- en haventerrein. In deze variant is het mogelijk om veel beter te voldoen aan de benodigde balans tussen “people, planet en profit” en is het mogelijk om veel meer maatschappelijk draagvlak te realiseren.
  • Waarom heeft dit proces niet of onvoldoende plaatsgevonden? Waarom zijn er niet meer varianten onderzocht met een veel kleinere haventerrein, waarbij de huidige havencapaciteit toch ook al snel met 60% kan worden vergroot?

In het voorliggende plan is niet terug te vinden in de diverse provinciale beleidstukken zoals het Provinciaal Omgevingsplan Limburg, Havennetwerkvisie Limburg 2030, Natuurvisie Limburg en de intentieovereenkomsten Blueports tussen gemeenten en provincie.

  • Waar kunnen we vinden dat de provincie Limburg voorstander is van een industriële haven met deze enorme omvang in dit plangebied?
  • Er lijkt onvoldoende te zijn gekeken naar ook de huidige en toekomstige capaciteit in de bestaande havenvoorraad zoals in Wanssum, Venlo, Cuijk.
  • Waar kunnen we de binnen de Ladder benodigde regionale afstemming terugvinden?
  • In het ontwerp bestemmingsplan is allerlei vormen van industrie toegestaan met een bebouwingspercentage van maar liefst 80% en een gebouwhoogte van maar liefst 20 m1. Daarnaast zijn lichtmasten tot 10 m1 toegestaan. Dit mogelijke volume is vele malen groter dan het stapelen van containers.
  • Waarom stelt de gemeente een bestemmingsplan voor met zo’n hoge bebouwings- capaciteit? Waarom zijn allerlei vormen van bedrijfsactiviteiten, waaronder ook niet havengebonden industrie, mogelijk?
  • De economische nut en noodzaak van deze uitbreidingsplannen. ontbreken De economische cijfers van de laatste jaren, de aankomende economische recessie, de stikstofcrisis, de pfas-crisis en de bouwcrisis zijn in de onderbouwing niet te vinden.
  • De groeicijfers voor bulk- en stukgoed van de Provincie (0,5% tot 1% per jaar) en het Rijk laten een veel lagere groeibehoefte zien dan door de initiatiefnemers wordt aangegeven. De provincie geeft in het Havennetwerkplan 2030 aan dat er tot 2030 nog zeker capaciteit is. Bij deze cijfers uit 2012 is geen rekening gehouden met de aankomende economische recessie. Mogelijk dat er de komende jaren helemaal geen sprake van groei zal zijn.
  • De initiatiefnemers willen hun huidige haventerrein met circa 200% vergroten. Deze enorme toename staat totaal niet in verhouding tot de diverse groeicijfers voor overslag in hun eigen onderbouwing. Het lijkt er op dat de initiatiefnemers vooral veel bedrijventerrein willen realiseren en daarmee hun eigen verdiencapaciteit naar de toekomst toe sterk willen vergroten.
  • Op basis van welke economische groei baseren de initiatiefnemers een haven met deze grote omvang? Waarom heeft men de recente economische cijfers niet meegenomen?
  • In de diverse overeenkomsten Blueports tussen de gemeenten en de provincie, is niets terugvinden over een uitbreiding van de haven in Gennep. In de overeenkomst gaat het vooral over het optimaliseren en beter afstemmen van de bestaande havens in Limburg.
  • Waar staat in de overeenkomst Blueports dat de haven in Heijen (overslagcapaciteit stuk- en bulkgoed) met 200% (12,6 hectare) en een nieuwe haven moet worden uitgebreid?

Door de realisatie van een hoge kade met daarop 80% aan gebouwen tot 20 meter hoog, bestaat het risico dat er bij hoog water een opstuwende werking gaat ontstaan van het Maaswater aan de zuidzijde. Circa 70% van de huidige doorstroom wordt in het plan namelijk geblokkeerd. Ik kan in de onderbouwing niet terugvinden welk effect dit kan hebben op de verkleining van de waterbescherming van Heijen.

  • Wat is het effect van deze plannen op de kans op meer opstuwende water aan de dijkzijde van Heijen? Vergroot dit niet de kans op toenemende wateroverlast / onveiligheid?
  • Door de realisatie van het bedrijventerrein en de haven, bestaat de kans dat er ook nieuwe waterstromingen gaan ontstaan.
  • Wat is het effect van de plannen op de stromingen in het gebied, met name bij de woonboten en aan de zijde van het dorp Heijen? Ontstaat hier geen onveilige situatie?
  • Door de plannen ontstaat er een enorme dagelijkse toename van licht verkeer (1310), middelzwaar vrachtverkeer (96) en zwaar vrachtverkeer (273) op de Hoofdstraat. De Hoofdstraat is nu al zwaar belast met o.a. vrachtverkeer. Dit geeft nu al een onveilige situatie en veel overlast voor de aanwonenden zoals stof, geluid en trillingen.
  • Waarom wordt een maximale bedrijvigheid in het bestemmingsplan toegestaan, met als resultaat nog meer verkeersbewegingen, stof, trillingen en onveiligheid?
  • Ook bij de realisatie van een ander fietspad en een oplossing van de “fantasiekruising” blijft het een onveilige situatie voor de vele fietsers.

Het huidige gebied heeft voor 2/3 een natuurbestemming en voor 1/3 de bestemming agrarisch met waarden. Het plangebied is ook onderdeel van de ecologische hoofdstructuur en van de brons-, zilver- en goudgroene landschapszones van de Provincie. In het huidige bestemmingsplan staat dat het plangebied, volgens de bestemming natuur, moet worden behouden en versterkt. De laatste jaren is het gebied echter steeds meer omgezet naar akkerbouw. De gemeente heeft niet gehandhaafd. De initiatiefnemers geven vervolgens aan dat de huidige uitstoot stikstof door mest op de huidige akkers, vergelijkbaar is met die van de nieuwe haven. Ze gebruiken het huidige gebruik, dat dus niet overeenkomt met de bestemming natuur, als argument voor de compensatie stikstof. Volgens de eigen onderbouwing van de initiatiefnemers is het alleen toegestaan om een compensatie voor stikstof mee te nemen indien er sprake is van een legaal planologisch gebruik van een gebied. Met het gebruik als akkerbouw is er in het plangebied geen sprake van een legaal planologische gebruik. Het had immers natuur moeten zijn. Deze berekening van de compensatie stikstof lijkt dan ook niet juist.

  • Mag wettelijk de huidige berekening compensatie stikstof en waarom heeft de gemeente de afgelopen jaren het gebruik volgens de huidige bestemming natuur niet gehandhaafd? Waarom is in de berekening stikstofemissie het naastgelegen Unesco beschermde natuurgebied de Maasheggen niet meegenomen?
  • De provincie Limburg geeft in diverse beleidsstukken aan dat ze de brons-, zilver- en goudgroene natuurzones wil versterken. Dit is ook landelijk en internationaal beleid. Het plangebied is een zogenaamde bronsgroene natuurzone met belangrijke natuur-, culturele en landschappelijke waarden. Het gebied is een cruciale schakel tussen de diverse in de omgeving gelegen natuurgebieden en daarmee ook een belangrijk doorsteek voor diverse dieren. Op welke wijze zien de initiatiefnemers de huidige mogelijke invulling met 80% bebouwing,
  • 20 m hoge industrie, lichtmasten, geluidsoverlast en een haven met grote boten als een vorm van natuur? Op welke wijze zien de initiatiefnemers de smalle groenstrook tussen de haven en de Maas als natuur?



Vanaf 2022 gaat de nieuwe omgevingswet in. De ingang is met een jaar uitgesteld. Het is echter wel van belang dat de planvorming in de geest van deze wet wordt opgezet en beoordeeld. Dit vinden we echter op veel terreinen niet terug. Zo wordt het begrip natuur binnen de omgevingswet veel ruimer gesteld. Ook de natuur in het naastgelegen Maasheggengebied is dan van belang.

  • Waarom wordt er niet gewacht op de ingang van de nieuwe omgevingswet?
  • Voor een goed proces is het belangrijk dat alle belanghebbenden, waaronder ook de bewoners, de tijd krijgen om deel te nemen aan het proces. Hierbij is een onafhankelijke, transparante, regierol van de gemeente van groot belang. Het gaat om het wegen van alle belangen binnen de kaders people, planet, profit. Varianten met minder economie en meer natuur, leefbaarheid, klimaat en veiligheid, zijn daarbij ook varianten. Deze varianten zijn helaas niet onderzocht.
  • Tijdens de bijeenkomst in februari hebben de bewoners duidelijk aangegeven dat er veel zorgen, bezwaren en vragen zijn rondom deze voorgenomen uitbreiding. Bewoners willen graag worden meegenomen in de vragen rondom de mogelijke invulling van dit gebied. Op dit moment mogen bewoners echter alleen maar reageren op een plan dat er al is. Dat is niet de vorm van inspraak die hoort binnen de intenties van de“ladder duurzame verstedelijking”.
  • Binnen deze ladder is het van groot belang dat meerdere varianten (ook met minder economie en meer natuur) met alle belanghebbenden op een transparante wijze worden besproken en gewogen.
  • Door de Coronacrisis is goed en transparant overleg met alle belanghebbenden, waaronder de bewoners, vrijwel niet mogelijk. Daarnaast spelen er actueel maatschappelijke belangrijke vraagstukken zoals het klimaatvraagstuk, stikstofcrisis en een aankomende economische recessie. Deze actuele en toekomstige vraagstukken zijn onvoldoende in het plan meegenomen.
  • Het advies is dan ook om in dit proces een pas op de plaats te maken en de tijd te nemen om gezamenlijk met alle belanghebbenden in goed overleg te kijken naar mogelijke alternatieven voor de invulling van dit plangebied. Een invulling die gebaseerd is op een zo groot mogelijk maatschappelijk draagvlak en ook voldoet aan het Provinciaal en Rijksbeleid.
  • De gemeenteraad en het college van b & w zopu bereid moeten zijn om deze pas op de plaats te maken. Het gaat immers om een enorme impact op de toekomstige kwaliteit van onze leefomgeving. Naast de belangen van de 2 bedrijven, ook te kijken naar de belangen van de burgers en onze natuur.


Is de politiek en de gemeente bereid om terug te gaan naar de tekentafel waarbij er vervolgens gezamenlijk met alle belanghebbenden op basis van onderling vertrouwen en transparantie naar mogelijke alternatieven wordt gekeken?